06-02-06

dag 5

Dinsdag 1 augustus  Puente La Reina - Logroño

 

Maximale snelheid

Afstand

Tijd op de fiets

Daggemiddelde

58.5

67.81

3.55.36

17.2

 

Het ontbijt dat opgediend wordt door de eigenaar met moustache, is lekker. Buiten zien we inmiddels twee mountainbikers vertrekken.  We zijn zeker niet de enige fietspelgrims in het hotel.  De ruimte waar onze fietsen gestald zijn, staat vol met andere fietsen.  Om 8.30u. zijn de fietsen geheel klaar, Peter heeft de rekening betaald.  Nadat we over de  brug van de koningin hebben gereden, bemerkt Luk dat hij zijn drinkbussen vergeten is in het hotel.  Even gewacht en toen op weg. 

We komen plotseling drie paarden tegen met twee begeleiders.  Ze komen naar het stadje toe gestapt.  De paarden zijn volgeladen met pakken en zakken.  We denken dat ze ook aan de camino bezig zijn.

Er wacht ons terstond een beklimming. Ze is 2,5 km en 7% hoog.   Het is een flinke opwarmer.  Het verkeer op de grote baan is vrij druk.  De Spaanse chauffeurs zijn heel wat hoffelijker dan de Belgische.  Bij het naderen toeteren ze luid om een waarschuwing te geven.  Als ze ons inhalen houden ze altijd heel wat afstand.  Om 10.00u. rijden we Estella binnen.  Vlug een telefoontje naar Paul en Gerda om te informeren of de campingplaats in orde is.  Ze hebben in Logroño iets gevonden.  Peter loopt een winkeltje binnen en koopt drie grote flessen water.  Ze zullen met deze hitte zeker van pas komen.  Op het kruispunt botst plotseling een auto tegen de achterkant van de voorligger.  Alles wordt rustig en op zijn on-Spaans opgelost.  We vinden het wel vreemd dat ze hun auto’s gewoon op de weg laten staan en zo alles in de minne oplossen.  Terstond staat er een file met een paar driftig toeterende chauffeurs.  Na Estella gaat de weg een vijftal kilometers omhoog met hellingen tot 6%.  We komen in de streek van de Rioja.  De wijnstokken staan horizontaal netjes naast elkaar op de heuvels.  Voor we boven zijn stoppen we bij het Monasterio de Irache.  Het klooster ligt verscholen achter een wijnfabriek. Voor de poort zitten een paar Spaanse jongeren die op fietsvakantie zijn.  Ze lijken wel Indurains-in-spe als we ze zien wegsnellen. We mogen de abdij en de eenvoudige kerk bezoeken.  De restauratiewerken zijn volop aan de gang.  In het gastenboek noteren we onze namen.  We doorbladeren het boek.  We vinden enkele Belgen.  Bij het buitengaan ontvangen we een stempel.   We hadden gelezen dat het klooster gratis water én wijn verschafte aan de pelgrims.  We vonden inderdaad twee kraantjes. Water was er in overvloed maar uit de tapkraan van de wijn kwam er niets!

We dalen af tot Los Arcos.  De temperatuur stijgt inmiddels elk uur. Bij het zwembad eten we middag.  Benny heeft spijt dat zijn zwembroek in de mobilhome ligt, want het water nodigt hem uit voor een frisse duik.  Benny heeft last van de hitte.  Na Sansol wacht ons nog een klim naar Ermita V. del Poyo (590m).  Daarna gaat het snel naar beneden richting Logroño.

 

Luk:” Als we wegsnellen, roept Peter plotseling dat we moeten stoppen. Haastig kijken we achterom. Peters fietshelm is bij het fietsen op de grond gevallen. Het resultaat is een vingerdik gat. Zijn helm is dan ook meteen getest.”

 

Onderweg worden Paul en Gerda gebeld.  De mobilhome heeft een plaats gevonden in Logroño naast de rivier de Ebro.  Om 14u. rijden we de camping op.  De begroeting is hartelijk.  Paul en Gerda zijn  onder de indruk van de bergpassen die we met de fiets overwonnen hebben.  De tenten worden met moeite opgezet omdat we de pinnen amper in de keiharde grond krijgen.  De thermometer haalt ondertussen met  gemak de 37°C!  Na een verkwikkende douche (deze zijn van een superieure properheid), houden we een lange platte rust.  De hitte van de dag moet uit onze lijven.  Na de rust gaan we onze kleren wassen.  Er is geen warm water.  We informeren bij de verantwoordelijke.  Bij onze opmerking slaat hij de handen in de lucht, kijkt naar boven en wijst ons erop dat het buiten warm genoeg is.  In feite heeft hij gelijk.  Als we terugkeren naar onze tenten, zien we een Hollands echtpaar binnenrijden…  We noemen ze Miep en Henk.  Zij zullen nog vaak onze wegen doorkruisen….

We hangen onze was op aan een vluggemaakte wasdraad. 

 

Luk: ‘Op de camping bel ik voor 200 peseta’s naar huis.  Ik ben blij dat ik Tine hoor.  Ze heeft het moeilijker dan ik.  Voor mij vliegt de tijd, voor haar niet.  Ze staat er alleen voor.  Onze Ward eist veel aandacht op.’

 

Daarna staat er heerlijke spaghetti à la Gerda op het menu.  Wanneer Peter nog wat ‘pieten’ bijvraagt, fronst Pol zijn wenkbrauwen.  We maken hem duidelijk dat ‘pieten’ eigenlijk doodgewone spaghetti is.  Zo krijgt hij zijn eerste les Loois dialect.  Opgelucht kan hij verder eten.

’s Avonds wandelen we  richting centrum. Via een brug gaan we langs het park naar de binnenstad.  De eerste kerk die we bezoeken, heeft boven zijn portaal een imposant beeldhouwwerk dat Jacob voorstelt als matamoros.  Als we de kerk binnengaan is er een viering bezig.  Een paar Spanjaarden volgen ingetogen de mis, terwijl de toeristen onhoorbaar rondsloffen.  We branden een paar kaarsjes en gaan naar de binnenstad.  Op de ‘plaza’ houden we een zeer boeiend terras. We merken minstens 50 ooievaars op die zich nestelen op de kerktorens.  Vanaf Logroño wordt dit een terugkerend fenomeen.   Dan krijgen we een bont straattafereeltje te zien, met bijbehorende hoogoplopende ruzies,  politie enz….  Het is TV, maar dan in het echt.  Een jongeman loopt op het plein zenuwachtig heen en weer met een plastic witte zak.  Dan verstopt hij die en loopt een winkel met naaigerief binnen.  Hij komt met iets buiten wat hij angstvallig in zijn zak verstopt.  Hij loopt heen en weer.  Een man komt naar hem toe, stopt hem wat geld toe en hij verdwijnt.  Wat later komt dezelfde man het plein terug opgelopen en gaat diezelfde winkel binnen.  Hij kan nog net binnen want de ijzeren vergrendeling van de winkel gaat net naar onder.  Even vlug loopt hij weer naar buiten naar de overkant van het plein.  Inmiddels is de politie met zes agenten het plein opgereden.  Ze houden de man aan, fouilleren en ondervragen hem.  Na een poos mag hij gaan.  We merken op dat er een oude man met een stok driftig heen en weer staat te zwaaien.  Na een tijdje observeren zien we in hem een ‘padre’ die voor rust moet zorgen tussen de verschillende rivaliserende familieclans.  Rond 20.30u. keren we terug naar de camping.  In de kleine steegjes van de stad zien we jongeren experimenteren met drugs.  In een ander straatje zit een jonge vrouw op de grond te rillen, bedelend voor de volgende shot.  Het is een rare ervaring.

 

Luk:”Ik ben blij dat we met zijn vijven door deze ongure steegjes lopen. Wat we te zien krijgen is schokkend. Moest ik alleen zijn, ik zou deze steegjes zeker mijden.”

 

Op een pleintje spelen een paar mannen een soort kaatsspel (Pelota).  Het is een typische volkssport.  De buitenwijken van Logroño zijn luguber.  Veel armoede, drugsverslaafden……   Onze camping wordt ook dag en nacht bewaakt.

We praten wat bij en helpen met de vaat.  Benny haalt zijn mondharmonica boven en zorgt voor wat sfeer.  Na een paar deuntjes gaan we slapen.  Er steekt veel wind op.  We vrezen dat het weer aan het omslaan is.  In onze tenten is het nog heel warm..

De slaappil van Benny, bezorgt Peter een fijne nachtrust.  Luk slaapt naturel én goed.  Benny slaapt dankzij zijn pil goed in, maar wordt om 4u. wakker van de pijn in zijn knie.  Hij blijft nog wat woelen tot de morgen komt…

 

 


12:22 Gepost door Peter | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.